Toen ik in de jaren 1990 afstudeerde als econoom, had ik nooit gedacht dat ons land anno 2025 zo sterk zou opschuiven richting staatsgeneeskunde. Aan het einde van de vorige eeuw leek het vanzelfsprekend dat publieke en private actoren elkaar aanvullen. Een sterke overheid is fundamenteel voor onze gezondheidszorg, maar dan moet ze haar rol wel gepast opnemen. Vandaag staat dat evenwicht steeds vaker onder druk.
Als we het hebben over overconsumptie in de zorg, ziet het beleid onvoldoende de rol van wat bekend staat als ‘defensieve geneeskunde’. Extra onderzoeken of procedures, zoals herhaalde bloedonderzoeken of opnames, gebeuren soms om juridische risico’s te vermijden in plaats van om medische redenen. Een antwoord op dit fenomeen vraagt om regulering en rechtszekerheid die alleen de overheid kan bieden.
Dus ja, de overheid moet toegankelijkheid en kosten bewaken. We leven echter in een paternalistisch land met dirigistische neigingen, iets wat altijd zichtbaar is geweest. In de jaren 1990 gingen we er nog van uit dat de Europese Commissie voor een gelijk speelveld zou zorgen, met regulering die ruimte laat voor ondernemerschap en innovatie. Die corrigerende rol vervult de EU vandaag veel minder.
Etatisering is overal
Tegelijk blokkeert de Belgische overheid, met ministers zoals Frank Vandenbroucke, private financieringsbronnen steeds verder af. Dat creëert een mindset bij patiënt en zorgverlener waarin afhankelijkheid van de overheid centraal staat. Daardoor kom je vaker in situaties terecht die wringen. Steeds meer mensen begrijpen niet waarom ze zo weinig remgeld betalen bij de huisarts. Ze voelen dat dit niet klopt voor zorg die waardevol is. Remgelden zijn veel minder gestegen dan de inflatie, terwijl sociale tarieven aan steeds grotere groepen worden toegekend. Zo dreigen ze hun beschermende functie voor wie het echt nodig heeft te verliezen.
Je ziet de verstaatsing of etatisering overal. Preventie staat of valt niet met de oprichting van een preventiefonds. Wat echt telt, is ondernemerschap, ondersteund door eenvoudigere procedures, administratieve soepelheid en rechtszekerheid. De politiek moet haar oogkleppen afzetten en erkennen hoe belangrijk extramurale geneeskunde is voor innovatie en preventie.
Toch is het nog niet te laat. Publieke financiering kan perfect samengaan met private innovatie. Dat is precies wat het VK, Nederland, Scandinavië en zelfs Frankrijk doen. Maar dan moeten meer mensen zich uitspreken tegen tendensen richting staatsgeneeskunde. We zullen elkaar ook moeten steunen wanneer de regering of een minister uit machtsoverwegingen en controledrang de extramurale zorg ondermijnt.
Verantwoordelijkheid en respect
De samenwerking tussen private en publieke actoren loopt vast wanneer een overdaad aan regels, verplichtingen en verboden wordt opgelegd zonder echt overleg. Zonder een minimum aan respect werkt dit nooit. Dat werd duidelijk toen minister Vandenbroucke in een tv-interview, na fraude door een thuisverpleegkundige, stelde dat artsen dit jaar zouden hebben gestaakt tegen controle op fraude. Die uitspraak was onjuist en onaanvaardbaar. Politici van andere partijen, ook binnen de coalitie, moeten hiertegen optreden en eerlijk overleg afdwingen.
Hervormingen die voorbijgaan aan wat het veld en de praktijkervaring te zeggen hebben, kunnen bovendien slecht aflopen. De ontwikkelingen in het onderwijs tonen hoe fout het kan lopen wanneer beleid wordt doorgeduwd zonder de expertise van wie op de werkvloer staat.
Naast respect hebben we dringend meer verantwoordelijkheid nodig. Als fraudezaken jarenlang kunnen woekeren, moet worden uitgelegd waarom verantwoordelijken bij het RIZIV en elders dit niet eerder hebben gestopt. En als het aantal langdurig zieken veel sterker ontspoort dan in andere landen, dan moet worden erkend dat de aanpak tot nu toe heeft gefaald.
Signalen niet negeren
Ook het signaal van jonge artsen mag niet genegeerd worden. Wanneer zij massaal aangeven dat de huidige stemmingmakerij rond hun beroep hen doet twijfelen of ze in de zorg willen blijven, dan moeten er snel duidelijke signalen komen dat het vrije beroep van arts wel degelijk wordt gerespecteerd.
Daarnaast is voldoende kritische zin nodig, zowel bij de bevolking als bij zorgverleners. De laatste jaren zien we vaker dat vrijheden worden ingeperkt onder het motto dat het wel in orde is als de overheid het doet. De opstellers van onze Grondwet waren echter doordrongen van het idee dat machtsconcentratie ook bij de overheid gevaarlijk is. Zeker in tijden waarin technologische evoluties de controlemogelijkheden in hoog tempo uitbreiden, is het belangrijk dat iedereen zich daarvan bewust is.









Laatste reacties
Michèle GOESSENS
13 december 2025Dank voor dit helder artikel.
Eens!
Beatrice DE CNODDER
12 december 2025Akkoord