Trainingsduur speelt grotere rol dan intensiteit bij aanpassing van het sporthart 

In tegenstelling tot de gangbare overtuiging bleek niet intensieve training, maar vooral het totale aantal trainingsuren bepalend voor de vergroting van de hartkamers. Vooral trainingen aan lage tot matige intensiteit hadden een duidelijke invloed. Hoogintensieve inspanningen speelden een meer beperkte rol, voornamelijk omdat sporters daar relatief weinig tijd mee doorbrengen. 

Een nieuwe studie bij elite-duursporters toont aan dat de trainingsduur  een belangrijkere rol speelt in hartaanpassingen dan de trainingsintensiteit. Met behulp van hartslagmeters en geavanceerde hartscans (MRI) onderzochten wetenschappers hoe het hart reageert op langdurige sportbelasting. 

Deze bevindingen helpen artsen en sportbegeleiders beter te begrijpen hoe verschillende trainingsvormen bijdragen aan aanpassingen van het sporthart. Dat is belangrijk voor sportartsen en cardiologen: een nauwkeuriger meting van de trainingsbelasting helpt om normale sportaanpassingen te onderscheiden van mogelijke hartproblemen. 

De studie werd gepubliceerd in het internationaal gerenommeerde European Heart Journal (2). 

Gezond sporthart?

Regelmatige lichaamsbeweging blijft een van de krachtigste manieren om hart- en vaatziekten te voorkomen. Toch zien artsen in de klinische praktijk regelmatig atleten met een sterk vergrote hartspier, waarbij zich de vraag stelt of dit nog een gezond ‘sporthart’ is, of het (begin van) een onderliggende hartaandoening. Het belang van een juiste inschatting is overduidelijk: het is niet gewenst om onnodig sportrestrictie aan te raden, maar anderzijds is het belangrijk om atleten met een risico tijdig te herkennen. Deze nieuwe studie helpt bij die uitdagende beslissingen. 

Prof. dr. Guido Claessen (foto), Hartcentrum Hasselt en verbonden aan Jessa Ziekenhuis, UHasselt en KU Leuven: “In de kliniek zien we regelmatig sporters bij wie het hart sterk vergroot is. Het blijft dan een uitdaging om te bepalen of dit een onschuldige sportgerelateerde aanpassing is of een teken van ziekte. Deze studie toont aan dat vooral de totale trainingsduur hierbij een cruciale rol speelt.” 

Prof dr. Rik Willems, UZ Leuven en verbonden aan KU Leuven: “Dankzij het gebruik van hartslagmeters konden we voor het eerst zeer nauwkeurig vastleggen hoeveel én hoe intensief atleten trainen. Dat gaf ons een objectief beeld van hun werkelijke trainingsbelasting, iets wat in eerdere studies vaak ontbrak.” 

Prof. dr. Hein Heidbuchel, UZ Antwerpen en verbonden aan U Antwerpen: “Onze bevindingen helpen artsen om gerichte vragen te stellen over het inspanningsschema van sporters. Dat verbetert de diagnostiek en voorkomt zowel onnodige ongerustheid als het missen van echte hartproblemen.” 

De onderzoekers onderstrepen dat dit onderzoek bijdraagt aan een betere interpretatie van het sporthart en een veiligere en meer onderbouwde begeleiding van zowel recreatieve als topsporters. 

“Meten is weten,” besluiten de onderzoekers. “Door beter inzicht in de relatie tussen duursport en het hart, kunnen artsen beter inschatten wanneer hartaanpassingen normaal zijn en wanneer verder onderzoek nodig is.” 

Slotbevinding is dat sporten een essentiële pijler blijft van hartgezondheid. Door trainingsbelasting nauwkeuriger en objectiever in kaart te brengen, kunnen artsen ook bij ogenschijnlijk gezonde sporters verborgen hartproblemen tijdig opsporen en gepast opvolgen, zonder onnodige ongerustheid te creëren. 

(1) Over de Pro@Heart en Master@Heart studie: 

Er werden 151 mannen tussen 16 en 70 jaar onderzocht, allemaal zonder gekende klassieke risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Bij alle deelnemers werden via een hartslagmeter 3 maanden trainingsdata verzameld en geanalyseerd. Daarnaast werd met een hartscan (MRI) gekeken hoe de vorm van het hart eruit zag. De onderzoekers gingen na wat de meest bepalende factoren waren voor een grotere hartspier en hielden daarnaast rekening met verschillen factoren die invloed konden hebben op de resultaten, zoals de leeftijd van de atleten. 

(2) De bevindingen kunt u nalezen in European Heart Journal

 

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.