Op 13 december vindt in Laakdal het sportcongres van de SKA plaats met als thema wintersport en de samenwerking met de sportkinesisten. Zij brengen er hun eigen vereniging onder de aandacht.
Op zaterdag 13 december houdt de SKA, de vereniging voor sport- en keuringsartsen, haar jaarlijkse conferentie in het LITC, het congrescentrum naast de campus van Nike in het Kempense Laakdal. Sportkinesisten waren op vorige edities ook al welkom, maar nu kunnen ze zich aanmelden om hun diensten aan te bieden op de website van de SKA - www.sportartsen.be. Veel patiënten, zegt de SKA, weten niet welke huisartsen in hun omgeving ook sportarts zijn. Via de website van SKA kunnen ze op een kaart van Vlaanderen een sportarts in hun buurt vinden, en vanaf januari kunnen ze daar ook de dichtstbijzijnde sportkinesitherapeuten zoeken.
“Slecht aangepakte blessures zijn de belangrijkste reden waarom mensen hun sportactiviteiten stopzetten of terugschroeven”, zegt dr. Tom Teulingkx, de voorzitter van SKA. “Het is niet alleen belangrijk dat ze de juiste diagnose krijgen, ook de revalidatie moet goed verlopen. Dat kan alleen als sportartsen en sportkine’s optimaal samenwerken. Voor de geblesseerde sporters zelf is het wel zo handig als ze in hun omgeving een sportarts en een sportkinesitherapeut kunnen vinden die hen kan helpen.”
“Op dit moment zijn er een 100 à 150-tal sportkinesisten in Vlaanderen”, zegt Erik Witvrouw, professor kinesitherapie van de Vakgroep Revalidatiewetenschappen aan de UGent en een van de sprekers op het congres. “De kinesitherapie heeft bijzondere beroepsbekwaamheden. Dat zijn geen specialismen, zoals bij artsen, maar je kan je als kinesist wel in iets bekwamen en voldoen aan een aantal criteria.”
Sinds ongeveer een jaar erkent de overheid het statuut van sportkinesist. “Daar hebben wij als vereniging lang voor geijverd. Vroeger was de titel van sportkinesitherapeut niet wettelijk erkend. Iedere kinesist kon die kwalificatie aan zijn deur hangen. Dan is het als patiënt moeilijk om te weten wie de bekwaamheid echt heeft en wie eens een cursus van een uurtje gevolgd heeft. Het is belangrijk naar artsen en patiënten toe dat ze weten bij wie ze voor sportblessures in goede handen zijn. Nu dat statuut er is, willen we zichtbaarheid geven aan de sportkinesitherapeuten die aan kwalitatieve eisen voldoen. Een samenwerking met de sportartsen leek ons interessant.”
De lijst met kinesitherapeuten die zich hebben bekwaamd in de sport zal niet alleen worden verspreid via de SKA, maar ook via het BOIC, de voetbalbond, de atletiekfederatie... “Dat is de eerste stap van onze samenwerking”, zegt Witvrouw. “Daarnaast biedt de SKA onder andere ook met korting toegang tot een vaktijdschrift, waardoor we elkaar kunnen versterken.”
Daarnaast zal het SKA-congres aandacht hebben voor de winterport en skiblessures in het bijzonder. De nakende winter en de Olympische Winterspelen in Milaan en Cortina in februari zijn daar uiteraard niet vreemd aan. Volgens recent onderzoek gaan elk jaar 1,25 miljoen Belgen op wintersport. “Door de combinatie van zuivere berglucht, winterzon en vooral veel fun, is skiën een heel gezonde sport, maar jammer genoeg krijgt zo’n 6 procent van die wintersporters te maken met een ski-ongeval”, zegt dr. Teulingkx. “De top drie bestaat uit knieblessures, breuken en spierletsels. Daarnaast maken hersenschuddingen zowat 10 procent van alle skiblessures uit.”
De sprekers zijn onder anderen orthopedist en topdokter Steven Claes, performancepsycholoog Viktor Van der Veken, inspanningsfysioloog Jan Bourgeois, viroloog Marc Van Ranst en de toonaangevende Britse sportpulmonoloog James Hull. Namens de kinesisten zullen de sportkinesitherapeuten Erik Witvrouw en Tom Mertens aan het woord komen. Professor Witvrouw zal in zijn bijdrage ingaan op de behandeling van voorstekruisbandblessures.
“De jongste decennia hebben we veel inzicht gekregen in wat er allemaal gebeurt bij een blessure op lokaal niveau, in dit geval de knie en de omliggende spier”, zegt Professor Witvrouw. “In de behandeling daarvan hebben we veel vooruitgang geboekt, maar we zijn eigenlijk wat uit het oog verloren dat de aansturing van de beweging door ons brein gebeurt. Nu kunnen we zeggen: als je bijvoorbeeld een voorstekruisband scheurt, krijg je eigenlijk ook een ‘letsel’ ter hoogte van je brein. De aansturing van je beweging raakt ook verstoord, dus ook daaraan moeten we aandacht besteden. Want ondanks alle vooruitgang zien we dat sporters hervallen of niet terugkeren naar hun sport. We wisten nooit goed waarom, maar het opnieuw aansturen van de juiste beweging is essentieel. Een voorstekruisbandletsel is in 80 procent van de gevallen een niet-contacttrauma, bijvoorbeeld door verkeerd te draaien. Als de sturing vanuit de hersenen niet goed verloopt, riskeren patiënten opnieuw hun kruisband te scheuren, of die aan de andere knie. De bestaande behandeling blijft belangrijk, maar ‘train the brain’ met specifieke oefeningen wordt de nieuwe grote vooruitgang in de kinesitherapie. We moeten een extra dimensie toevoegen.”








