Gynaecologisch geweld: aanbeveling zet in op preventie en rechten

Een interfederale werkgroep met overheidsinstanties, gezondheidswerkers en patiëntenverenigingen publiceert een aanbeveling over de preventie en aanpak van gynaecologisch en obstetrisch grensoverschrijdend gedrag en geweld (GOG) in België. De tekst, uitgewerkt in het kader van het Nationaal Actieplan ter bestrijding van gendergerelateerd geweld 2021-2025, schuift prioriteiten naar voren rond patiëntenrechten, geïnformeerde toestemming en ondersteuning van zorgverleners.

GOG wordt omschreven als elke handeling, uitspraak, gedraging of nalatigheid binnen de seksuele en reproductieve gezondheidszorg die de fysieke of psychologische integriteit van patiënten aantast. Het kan gaan om een gebrek aan geïnformeerde toestemming, het bagatelliseren of ontkennen van pijn, vernederende opmerkingen, ongerechtvaardigde medische handelingen of het niet respecteren van de keuzes van patiënten.

Volgens de aanbeveling kunnen dergelijke situaties zich op verschillende momenten in het zorgtraject voordoen, maar ook ruimer doorheen het leven van vrouwen. Ze kunnen langdurige gevolgen hebben voor de fysieke en mentale gezondheid en het vertrouwen in het zorgsysteem aantasten.

Ook zorgverleners kunnen hiermee geconfronteerd worden, onder meer door organisatorische, institutionele of hiërarchische beperkingen. Dat kan leiden tot emotionele stress en een diep ethisch onbehagen.

Zichtbaarheid en beleidsmatige verankering
De voorbije jaren kreeg het thema meer aandacht door talrijke getuigenissen op sociale media, onder meer via de hashtags #GenoegGezwegen en #PayeTonUtérus. Die bewegingen hebben bijgedragen tot het doorbreken van de stilte rond negatieve ervaringen in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg.

Het onderwerp kwam daarnaast ook op de politieke, academische en maatschappelijke agenda terecht. In dat kader werd een interfederale werkgroep opgericht, die overheidsinstanties, beroepsorganisaties en patiëntenverenigingen samenbrengt en nu een aanbeveling publiceert over de preventie en bestrijding van GOG in België.

Prioritaire actielijnen voor beleid en praktijk
De aanbeveling schuift zeven grote actielijnen naar voren voor de federale overheid, de gemeenschappen en de gewesten. Zo moet er meer informatie komen over de rechten van patiënten in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg en moet hun rol in beslissingen over hun gezondheid worden versterkt, met bijzondere aandacht voor geïnformeerde toestemming.

Daarnaast vraagt de werkgroep om betere bemiddelings- en meldingsmechanismen, een versterking van de initiële en voortgezette opleiding van gezondheidswerkers en een verdere ontwikkeling van gegevensverzameling en onderzoek.

Ook ondersteuning van patiëntenverenigingen en een verbetering van de arbeidsomstandigheden in de betrokken zorgdiensten worden als essentiële hefbomen naar voren geschoven. Het geheel moet bijdragen tot een zorgrelatie gebaseerd op vertrouwen, communicatie en gezamenlijke besluitvorming.

Partnerschap centraal in de zorgrelatie
De beroepsverenigingen van gynaecologen (VVOG en CRGOLFB) verklaren: "Met deze aanbeveling wordt de patiënte centraal gesteld in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg. Het is een oproep om haar een actieve rol in haar eigen gezondheid te maken: de preventie van GOG vereist namelijk een partnerschap tussen gezondheidsmedewerkers en patiënten, een partnerschap dat gebaseerd is op respect voor zelfbeschikking en waardigheid, en op gezamenlijke besluitvorming op basis van geïnformeerde beslissingen en medisch gerechtvaardigde criteria."

De vroedvrouwenorganisaties (VBOV en UPSFB) leggen de nadruk op "het belang van een betere erkenning van de zorgberoepen en een verbetering van de arbeidsomstandigheden van professionals in de seksuele en reproductieve gezondheidszorg, om te komen tot kwalitatieve, toegankelijke, continue en gepersonaliseerde zorg die de patiënten en hun behoeften respecteert".

De Coalitie Gender en Gezondheid ziet in de aanbeveling "een stap in de erkenning van gynaecologisch en obstetrisch geweld als een politiek en maatschappelijk thema, dat een collectieve aanpak vraagt".

Intersectorale samenwerking als eerste stap
Het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen omschrijft dit initiatief als "een eerste ervaring met interinstitutionele en intersectorale samenwerking in de strijd tegen gynaecologisch en obstetrisch geweld in België", waarbij actoren met complementaire perspectieven samen werden gebracht.

De betrokken organisaties vragen de bevoegde overheden om deze aanbeveling te vertalen in concrete maatregelen, met het oog op een gecoördineerde aanpak van gynaecologisch en obstetrisch geweld in België.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.