Directe toegang tot kinesisten: alle lichten op groen

De directe toegang tot kinesitherapie voor patiënten met lichte of matige aandoeningen van het bewegingsapparaat zou tegen de zomer een beslissende stap kunnen zetten. In de Gezondheidscommissie van de Kamer bevestigde federaal minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke dat er een consensus was bereikt tussen vertegenwoordigers van artsen en kinesisten, wat de weg vrijmaakt voor een wetswijziging en de concrete uitvoering van de regeling in de loop van 2026.

In antwoord op een vraag van parlementslid Carmen Ramlot (Les Engagés) herinnerde de minister eraan dat dit compromis voorziet in een beperkte rechtstreekse toegang tot kinesisten met een specifieke opleiding, waarbij de huisarts de begeleiding blijft verzorgen.

Volgens het schema dat tijdens de parlementaire debatten werd besproken, wordt de behandelende arts vanaf de eerste sessie bij de kinesist op de hoogte gebracht. Na de vierde sessie is een tussentijdse melding voorzien, gevolgd door een volledig verslag na de zevende sessie, zodat de huisarts “andere medische problemen kan uitsluiten”.

Frank Vandenbroucke legde uit dat de concretisering van deze overeenkomst nog verschillende wettelijke en administratieve stappen vereist. “De wettelijke basis moet worden verduidelijkt. Dit houdt een herschrijving in van artikel 43 van de wet betreffende de uitoefening van de gezondheidsberoepen, om een beperkte directe toegang te definiëren voor kinesitherapeuten met een specifieke opleiding”, verklaarde hij.

Deze aanpassing is opgenomen in het wetsontwerp met diverse bepalingen op het gebied van gezondheidszorg. De minister gaf aan dat een behandeling in de ministerraad, een evenredigheidstoets en een advies van de Raad van State nog nodig zijn voordat een voorontwerp van wet naar het parlement kan worden gestuurd. “Het doel is dat dit tegen het begin van de zomer kan gebeuren”, zei hij.

Na de goedkeuring van de wet zal een koninklijk besluit de directe toegang tot kinesitherapie nog concreet moeten regelen. Frank Vandenbroucke toonde zich echter overtuigd dat het om “een cruciale stap vooruit” ging.

Carmen Ramlot was verheugd over het wegvallen van de laatste knelpunten tussen artsen en kinesitherapeuten. “Iedereen is het eens en alle lichten staan op groen”, verklaarde het parlementslid, waarbij ze sprak van “een pragmatische modus vivendi” en “een echt Belgisch compromis”. Volgens haar wordt de regeling verwacht “door de artsen en door de kinesitherapeuten, maar vooral door de patiënten”.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Arnoud De Kok

    28 mei 2026

    "wordt de behandelende arts vanaf de eerste sessie bij de kinesist op de hoogte gebracht. Na de vierde sessie is een tussentijdse melding voorzien, gevolgd door een volledig verslag na de zevende sessie, zodat de huisarts “andere medische problemen kan uitsluiten”." Op papier dan? Dus zonder de patiënt gezien te hebben? Dit klinkt als meer onbetaalde arbeid en risico voor de huisarts.