Parlementsleden eisen strengere controle op buitenlandse geschrapte artsen

De onthullingen van het Europese onderzoek Bad Practice, waarover Medi-Sfeer en De Specialist onlangs berichtten, vonden dinsdag veel weerklank in de Kamer, waar verschillende parlementsleden minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke aanspraken op de aanwezigheid van artsen die in andere Europese landen een beroepsverbod hebben gekregen.

De parlementsleden Jeroen Van Lysebettens (Ecolo-Groen), Frieda Gijbels (N-VA), Irina De Knop (Open Vld), Dominiek Sneppe (Vlaams Belang) en François De Smet (DéFI) wezen op de tekortkomingen van het Europese waarschuwingssysteem IMI (Internal Market Information System), een instrument dat lidstaten in staat moet stellen elkaar te waarschuwen wanneer een zorgverlener een beroepsverbod heeft gekregen. Volgens hen worden de meldingen niet altijd correct doorgegeven of opgenomen in de Belgische registers, waardoor bepaalde zorgverleners die elders in Europa zijn geschrapt, een Riziv-nummer kunnen krijgen en hun activiteiten kunnen voortzetten.

Jeroen Van Lysebettens vroeg om “een betere integratie van de IMI-waarschuwingen in de nationale registers” en een snelle versterking van de bevoegdheden van de Federale Controlecommissie. Frieda Gijbels stelde zich vragen bij de betrouwbaarheid van de documenten die door buitenlandse zorgverleners worden voorgelegd, en herinnerde eraan dat “administratieve fouten er al toe hebben geleid dat geschorste artsen zich konden registreren”. Irina De Knop wees op een structurele evolutie: "Een op de zeven artsen in België heeft vandaag een buitenlands diploma. Dat aandeel neemt toe, terwijl onze eigen studenten aan strenge quota onderworpen zijn.“ Dominiek Sneppe was van mening dat ”de controleprocedures voor buitenlandse zorgverleners even streng moeten zijn als de controles die aan onze eigen artsen worden opgelegd“, waarbij hij benadrukte dat elke tekortkoming ”de veiligheid van patiënten in gevaar kan brengen“. François De Smet herinnerde er op zijn beurt aan dat het IMI-systeem ”niet systematisch wordt gebruikt", ondanks de Europese verplichtingen.

Maatregelen reeds gedeeltelijk aangekondigd
In zijn antwoord erkende minister Frank Vandenbroucke de tekortkomingen van het systeem, maar hij relativeerde de omvang ervan. “Er is op dit moment geen reden om te spreken van een reeks grootschalige overtredingen”, verklaarde hij. Hij herinnerde aan verschillende maatregelen die al van kracht zijn en die in het artikel van Medi-Sfeer en De Specialist aan de orde komen: sinds 2024 controleert de FOD Volksgezondheid het certificaat van goed beroepsgedrag en de talenkennis van alle Europese zorgverleners voordat het visum wordt afgegeven, een noodzakelijke voorwaarde voor het verkrijgen van een Riziv-nummer.

De minister bevestigde dat in de toekomstige hervorming van de gezondheidszorg het Riziv-nummer automatisch wordt opgeschort in geval van een beroepsverbod en dat deze opschortingen op de website van het Instituut worden gepubliceerd. “Een zorgverlener zonder visum maakt zich schuldig aan een illegale praktijk, die strafrechtelijk kan worden vervolgd”, verduidelijkte hij.

Nieuwigheden op de agenda
Er werden twee concrete stappen uiteengezet. Ten eerste de lancering in 2026 van de openbare zoekmachine HealthPro, die toegang zal geven tot de gegevens van het federale kadaster van gezondheidswerkers. Via dit platform kunnen patiënten controleren of een zorgverlener over een geldig visum en een geldig Riziv-nummer beschikt. Ten tweede wordt er gewerkt aan een wetsontwerp om de Federale Controlecommissie voor de gezondheidszorg te versterken: versnelling van de procedures, uitbreiding van de bevoegdheden en de mogelijkheid om administratieve boetes op te leggen in geval van overtredingen.

Frank Vandenbroucke heeft ook aangegeven dat werkgevers verplicht zullen worden om elk ontslag of schorsing van een zorgverlener wegens ernstig risico voor patiënten aan de Commissie te melden, om te voorkomen dat dergelijke situaties onopgemerkt blijven. Het wetsontwerp zou “voor het einde van het jaar” aan de parlementaire commissie moeten worden voorgelegd.

Een structureel Europees probleem
De minister erkende dat het IMI-systeem nog steeds onvolmaakt is: het meldt alleen definitieve beroepsverboden, zonder de redenen of lopende procedures te vermelden. In sommige lidstaten worden de gegevens niet regelmatig bijgewerkt of kiezen de autoriteiten ervoor om bepaalde sancties niet door te geven. “Een harmonisatie van de regels inzake beroepsverboden op Europees niveau zou nuttig zijn”, benadrukte Frank Vandenbroucke, eraan toevoegend dat hij het dossier opnieuw bij de Europese Commissie zou aankaarten.

België behoort volgens hem tot de meest actieve landen, met 304 meldingen in het IMI-systeem, wat boven het Europese gemiddelde ligt.

Parlementsleden vinden de antwoorden onvoldoende
Verschillende parlementsleden vonden deze antwoorden echter onvolledig. Jeroen Van Lysebettens eiste een duidelijk tijdschema voor de hervorming en een garantie dat “elke IMI-melding onmiddellijk wordt behandeld”. Irina De Knop had kritiek op het “gebrek aan urgentie” en Dominiek Sneppe was van mening dat “elke tekortkoming van het systeem een concreet risico voor de patiënten inhoudt”.

Frank Vandenbroucke sloot af met te zeggen dat hij zich bewust was van de verwachtingen van het Parlement en herhaalde zijn toezegging om de hervorming vóór eind 2025 voor te leggen.

> Ontdek het volledige debat

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.