Medische fout: wat verandert er strafrechtelijk vanaf 1 september?

Vanaf 1 september 2026 zal een arts niet langer strafrechtelijk kunnen worden veroordeeld voor een gewone onvoorzichtigheid. Het nieuwe Belgische Strafwetboek vereist voortaan een “zware fout” voor onopzettelijke misdrijven (onopzettelijke slagen en verwondingen, onopzettelijk doden). Het gaat om een hervorming waar de medische wereld al lange tijd op wacht en die een groot deel van de zogenaamde “klassieke” medische fouten uit het strafrecht zou kunnen halen.

Het is een wijziging die op het eerste gezicht beperkt lijkt in haar formulering, maar aanzienlijke gevolgen kan hebben. Zoals we in februari al berichtten, zou deze hervorming aanvankelijk op 8 april 2026 in werking treden. De toepassing ervan werd echter, samen met die van het volledige nieuwe Strafwetboek, uitgesteld tot 1 september. Artikel 7 van het nieuwe Strafwetboek bevat voor het eerst een wettelijke omschrijving van het moreel bestanddeel van het misdrijf, namelijk het bewust handelen en de vrije wil die in beginsel met elk strafbaar feit gepaard gaan. Bovendien kan de wet voor een bepaald misdrijf een bijkomende voorwaarde opleggen: opzet voor opzettelijke misdrijven en een “zware fout” voor onopzettelijke misdrijven. De zware fout wordt er omschreven als een ernstig gebrek aan voorzorg of voorzichtigheid. De inwerkingtreding, die aanvankelijk voor 8 april 2026 was gepland, werd uitgesteld tot 1 september 2026.

De lichtste fout zal niet langer volstaan
De omvang van die verschuiving wordt duidelijk wanneer ze wordt afgezet tegen de vroegere situatie. Volgens vaste rechtspraak volstond de lichtste fout – de culpa levissima – om een veroordeling wegens onopzettelijke slagen en verwondingen of onopzettelijk doden te gronden. Het Hof van Cassatie bevestigde dat nog in 2021, in een zaak tegen een neurochirurg die de ernst van een hematoom onvoldoende had ingeschat (1). Het strafrecht maakte toen geen onderscheid met het burgerlijk recht: zodra een schending van de algemene zorgvuldigheidsnorm was aangetoond, stond ook het gebrek aan voorzorg vast.

Vanaf september zal strafrechtelijk alleen nog een zware fout – de culpa lata – in aanmerking komen. Het gevolg is duidelijk: de strafrechtelijke en burgerrechtelijke aansprakelijkheid worden van elkaar losgekoppeld. Eenzelfde lichte onvoorzichtigheid kan de burgerrechtelijke aansprakelijkheid van een arts nog steeds in het gedrang brengen, maar zal niet langer volstaan voor een strafrechtelijke veroordeling. Dat is de lezing van meester Thiry, advocaat die het dossier opvolgt voor de Union des médecins – Absym-Bruxelles, in een nota aan de Brusselse syndicale kamer.

Een Belgische uitzondering die de medische wereld aanklaagde
De vroegere situatie kon een gevoel van onrechtvaardigheid voeden. Omdat elke medische handeling naar haar aard een aantasting van de lichamelijke integriteit inhoudt, hadden artsen de strafrechtelijke immuniteit die wordt erkend voor een handeling ad sanandum, met het doel te genezen, nodig om niet voortdurend aan strafvervolging te worden blootgesteld. Die immuniteit verviel echter zodra een fout als een misdrijf werd gekwalificeerd. Geen enkel ander vrij beroep kende een vergelijkbare blootstelling: een architect, advocaat, notaris of accountant liep nooit het risico strafrechtelijk te worden vervolgd voor fouten in zijn dagelijkse beroepsuitoefening, maar alleen voor gemeenrechtelijke misdrijven zoals valsheid of oplichting.

De wetgever had al geprobeerd daar iets aan te doen. De wet van 15 mei 2007 betreffende de vergoeding van schade als gevolg van gezondheidszorg beperkte het bedrag dat een patiënt voor de strafrechter kon vorderen tot een symbolische euro – een manier om die weg te ontmoedigen. De uitvoeringsbesluiten kwamen er echter nooit en de tekst werd vervangen door de nog steeds geldende wet van 31 maart 2010, die deze bepaling niet overnam. Tot deze zomer bleef dus het stelsel van kracht dat door de medische wereld als abnormaal werd beschouwd.

Onmiddellijke gevolgen, ook voor lopende dossiers
De hervorming brengt het Belgische recht op één lijn met dat van Frankrijk en Nederland en heeft onmiddellijke gevolgen. Krachtens het beginsel van de mildere strafwet, opgenomen in artikel 2 van het nieuwe Strafwetboek, is de bepaling ook van toepassing op zaken waarin nog geen definitieve uitspraak is gedaan. Een arts die momenteel wordt vervolgd voor onopzettelijk doden of onopzettelijke slagen en verwondingen, kan met andere woorden hopen dat de vervolging wordt stopgezet wanneer geen zware fout kan worden aangetoond. Ook valt te verwachten dat de raadslieden van patiënten voortaan twee keer zullen nadenken voordat ze de strafrechtelijke weg bewandelen, die in het verleden vaak eerder werd gekozen om bewijsmateriaal te verzamelen dan om een veroordeling te verkrijgen.

De rechten van patiënten verdwijnen daarmee niet. Schadevergoeding blijft volledig mogelijk via de burgerlijke rechter, waar een lichte fout de aansprakelijkheid nog steeds in het gedrang kan brengen, of via het Fonds voor de Medische Ongevallen (FMO), dat werd opgericht bij de wet van 2010. Dat is ook de strekking van de analyse van advocate Sylvie Tack, gastprofessor aan de UGent en de UAntwerpen, in het Tijdschrift voor Gezondheidsrecht (2): tal van “klassieke” medische fouten zouden de facto uit het strafrecht kunnen verdwijnen, zonder dat slachtoffers daardoor hun recht op schadevergoeding verliezen. De beklaagdenbank, schrijft ze, zou voor een ander type daders moeten worden voorbehouden.

    1. Cass., 3 november 2021, gepubliceerd in J.L.M.B. (Jurisprudence de Liège, Mons et Bruxelles), 2022, nr. 31, p. 1365.
    2. “Zullen ‘klassieke’ medische fouten binnenkort uit het strafrecht verdwijnen?”, verschenen in het Tijdschrift voor Gezondheidsrecht (T.Gez. 2025-26/4, p. 289-290), Wolters Kluwer.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.