Een arsenaal aan hulpmiddelen wordt ingezet om het nijpende huisartsentekort in sommige delen van het land tegen te gaan. Maar het blijft vaak vechten tegen de bierkaai. Vandaag telt een huisarts gemiddeld immers 1.200 patiënten. De generatie dokters die nu met pensioen gaat, had er tot 2.500.
Afgelopen weekend somde De Tijd nog eens een resem gemeentelijke initiatieven op om het tekort aan te pakken. Een greep daaruit: tijdelijk gratis huur van een kabinet plus vestigingspremie van 24.000 euro (Bredene), een gratis pand ter beschikking stellen of een gratis vakantiehuis (De Panne), een steunbedrag voor de huisarts die zich voor een bepaalde periode in een gemeente vestigt (Gingelom, 20.000 euro, Schelle, 10.000 euro).
MediSfeer maakte eerder ook gewag van problemen in Turnhout dat eraan denkt om een Impulseo-achtig aansporingsbeleid te voeren. Met dus een vestigingspremie van de Vlaamse overheid die vroeger bestond maar al enkele jaren is afgeschaft.
Het bekende Genkse proefproject -met medewerking van de kring Prometheus en Harrie Dewitte- denkt in de richting van ondersteuning van de soloarts, naast eindeloopbaantrajecten voor artsen boven de 60, plus een (netwerk) Integratiepremie om solo artsen in een bestaande groepspraktijk in te sluiten.
Ongetwijfeld dringt ook een regelluwe omgeving (financieel, administratief) zich op voor artsen die stoppen na hun 65 maar wel zieke collega’s vervangen.
In het Meetjesland (Sleidinge) ontstond een tijdelijke huisartsennoodpost wegens de pensionering van drie lokale huisartsen, ook al een proefproject.
Idem dito voor Antwerpen dat voorjaar 2025 Stroom vzw lanceerde. Dit initiatief, een samenwerking tussen de Antwerpse huisartsenkringen, de eerstelijnszones, de stad, de Vlaamse overheid, de Universiteit Antwerpen en het Riziv, voorziet in een centraal meldpunt voor patiënten zonder vaste huisarts. Dat net omdat in diverse districten zoals Deurne, Merksem, Hoboken en Ekeren het aantal huisartsen de voorbije jaren sterk daalde en er een golf van pensioneringen voor de deur staat.
Patiënten zonder huisarts kunnen er zich melden via een centraal telefoonnummer en website. Op basis van een kleurcode (groen: nieuwe patiënten welkom, rood: praktijk vol) wordt nagegaan welke huisartsen nog patiënten kunnen aannemen. Wanneer er geen beschikbare huisarts is, worden patiënten doorverwezen naar de Praktijk aan de Stroom (PAS) in het Cadix-ziekenhuis, met vijf dokterspraktijken. Ook dat project zal geëvalueerd worden.
Huisartsenarm versus huisartsenrijk
Het is geweten dat het probleem minder nijpt in steden dan op het platteland, onder meer omdat jonge huisartsen met kinderen makkelijker en korter bij kinderopvang vinden in de stad.
Volgens Rizivcijfers – die recent nog betwist werden – zijn Pepingen en Voeren het huisartsenarmst (resp. één huisarts per 1.522 en 1.470 inwoners) en Sint-Martens-Latem en Leuven het huisartsenrijkst (resp. één huisarts per 254 en 263 inwoners). Maar die cijfers moeten we dus met een korreltje zout nemen omdat het Riziv tot voor kort in zijn systeem het contact- en niet het praktijkadres gebruikte. Op aangeven van kringcoördinator Liesbeth Devreker (Halle) riep het Riziv daarom in de loop van 2025 alle huisartsen op om hun praktijkadres aan te vullen in de fiche van ProGezondheid én ook duidelijk door te geven wanneer ze met pensioen gaan.
Ook Sara Willems (Ugent) relativeert in De Tijd de gegevens hoeveel artsen precies actief zijn en of ze deel- of voltijds aan de slag zijn. Zij voegt eraan toe dat zelfs als die cijfers accuraat zouden zijn, andere factoren een rol spelen vooraleer men spreekt over een huisartsentekort. Zo organiseren huisartsenpraktijken zich meer en meer multidisciplinair zodat ze zich meer op zuiver huisartsgeneeskundige taken kunnen concentreren.
Dat het tekort zich meer en meer doet voelen in sommige streken, is onmiskenbaar zo. In de Gemeente-Stadsmonitor van het Agentschap Binnenlands Bestuur van twee jaar geleden kon men niet naast de cijfers kijken: twee derde (67%) van de bevraagden meende toen dat er voldoende huisartsen kortbij zijn, terwijl dat in 2021 nog 82% was.
> Riziv roept huisartsen op om samen te werken voor correcte cijfers tekort









Laatste reacties
Jan DE MAESENEER
05 januari 2026Dit artikel illustreert dat het huisartsentekort vooral een probleem is van geografische spreiding en organisatie. Zelfs indien het cijfer van 1 VTE huisarts per 1200 inwoners zou kloppen ( het is in Vlaanderen eerder 1 VTE per 1000 inwoners), is dat - bij een goede geografische spreiding, geen probleem. We zitten met dit cijfer nog ver boven de verhoudingen in landen als Denemarken ( 1 VTE per 1500 inwoners) of VK (1 VTE per 1750 inwoners).
Bovendien neemt de 'versnelde uitstroom' van huisartsen,die we kenden in de periode 2017-2023, momenteel af. In de komende jaren komt er een behoorlijke groei van beschikbare huisartsen ( grotere instroom dan uitstroom). Degeografische spreiding dient gestimuleerd, en daar kunnen naast Huisartsenkringen, ook Eerstelijnszones een belangrijke rol in spelen. Huisartspraktijken zouden zich ook veel meer in eerstelijnsnetwerken kunnen organiseren. En veel huisartsen, zijn nog meer dan één derde van hun tijd bezig met uitvoerende taken waarvoor ze overgekwalificeerd zijn. Hopelijk komen de praktijk-assistenten en de Verpleegkundigen in de Huisartspraktijk in versneld tempo beschikbaar. Dat zijn een aantal acties waar de bevoegde regionale en lokale overheden een belangrijke rol kunnen in spelen.
Prof. em. Jan De Maeseneer, Vakgroep Volksgezondheid en Eerstelijnszorg, Universiteit Gent.