In een interview met De Morgen is Frank Vandenbroucke helder over de grenzen van het overleg in de gezondheidszorg. Het overleg met de artsen noemt hij intens, maar niet zonder limieten: “Ook de artsenbonden krijgen natuurlijk niet 100 procent hun goesting.” Voor de ziekenfondsen is hij opvallend mild: “Ik sta vaak zeer kritisch tegenover hun werking, maar het riedeltje dat zij geld van de overheid opslokken, mag eens stoppen.”
In het interview dat afgelopen zaterdag in De Morgen verscheen, erkent Vandenbroucke dat zijn beleid op weerstand botst, vooral bij artsenverenigingen. Toch verwerpt hij het verwijt dat hij niet zou luisteren: “Dat is feitelijk niet correct. Ik heb tussen maart en september negen keer zelf vergaderd met de leiders van die vakbonden. Ik denk niet dat mijn collega’s Jambon of Clarinval zo vaak met de vakbonden hebben vergaderd. Als er één groep is waar de verantwoordelijke minister op het hoogste niveau voortdurend mee praat, zijn zij het wel.”
Het overleg met de artsen heeft volgens de minister wel tot tastbare bijsturingen geleid. “Ik wilde bijvoorbeeld het systeem van gedeeltelijke conventionering schrappen omdat het te onduidelijk is voor de patiënt. Dat heb ik laten vallen, op vraag van de artsenvakbonden.”
Ook andere gevoeligheden werden afgevoerd. De mogelijkheid om beperkingen op ereloonsupplementen al vóór 2028 in te voeren, werd losgelaten. En de vrees dat de politiek zelf RIZIV-nummers zou schrappen, noemt hij ongegrond. “Hun angst dat ‘de politiek’ zelf RIZIV-nummers voor de verloning van artsen gaat schrappen, is volledig ontzenuwd.”
Tegelijk blijft hij vasthouden aan een fundamenteel uitgangspunt. “Die officiële tarieven moeten de spil zijn waarrond het systeem draait, en dan kun je niet toelaten dat men in totale vrijheid daarbovenop nog zeer hoge ereloonsupplementen vraagt.” Voor Vandenbroucke is dat geen aanval op de artsen, maar een poging om het systeem betaalbaar en begrijpelijk te houden voor patiënten.
Na hun herhaalde klachten over een kabinet dat de voorbije maanden nauwelijks tot echte dialoog bereid was, zal bij de toponderhandelaars van BVAS en het Kartel vooral deze memorabele uitspraak van Vandenbroucke blijven hangen: “Ook de artsenbonden krijgen natuurlijk niet 100 procent hun goesting. Dat is niet hoe overleg werkt.”
“Ziektebriefjes zijn niet het kernprobleem”
In het debat over arbeidsongeschiktheid verzet hij zich tegen de reflex om artsen als hoofdschuldigen aan te wijzen. “Het beeld dat het probleem vooral zit bij artsen die te makkelijk een ziektebriefje schrijven, klopt niet. Dat is niet het belangrijkste probleem.”
Tegelijk wil hij wel meer zicht op de praktijk. “Daarom gaan we een databank opzetten die daar zicht op moet geven.” Die moet het mogelijk maken om afwijkingen in kaart te brengen. “Als er dan artsen een vreemd voorschrijfgedrag hebben, kunnen we die ter verantwoording roepen.”
De inzet van die hervorming is volgens hem duidelijk. “Als we niks ondernemen, groeit het aantal mensen in de langdurige ziekte nog eens met 100.000 tegen het einde van de legislatuur.” De ambitie is expliciet om die stijging te stoppen en “op het niveau van vandaag te blijven”. Regelmatige herevaluatie ziet hij niet als bestraffing. “Als je langdurig in invaliditeit zit, kijkt niemand naar je om. Het is toch niet hardvochtig dat iedereen om het jaar opnieuw een aanvraag moet doen?”
“Solidariteit is geen commercieel product”
Ook de ziekenfondsen plaatst hij in dat kader van verantwoordelijkheid, al verdedigt hij hun bestaansmodel nadrukkelijk tegen pleidooien voor privatisering. “Degenen die altijd maar terugkomen op ‘hoe rijk zijn die wel niet?’, willen de ziekenfondsen eigenlijk afschaffen en door een privaat verzekeringssysteem vervangen.”
Volgens hem gaat het om een fundamenteel verschil. “Dat is een solidariteitsmodel versus een commercieel model.” Dat debat is volgens hem al lang juridisch beslecht. “Het Grondwettelijk Hof heeft dat veertien jaar geleden al beslecht.”
Vandenbroucke verdedigt de ziekenfondsen, maar dat betekent volgens hem niet dat ze een vrijgeleide krijgen: “Ik sta vaak zeer kritisch tegenover de werking van de ziekenfondsen.” Hij verwacht dat ze veel actiever worden in de re-integratie van langdurig zieken. “Ze moeten veel meer inspanningen doen om mensen die langdurig ziek zijn weer kansen te geven om aan het werk te gaan. Hun cultuur daarin moet totaal wijzigen.”
“Beledigd als je over fraude spreekt”
Ook in de strijd tegen fraude legt hij de lat hoog. “De ziekenfondsen moeten 100 miljoen euro uit de gezondheidsverzekering halen door fraude te bestrijden, anders moeten ze die 100 miljoen zelf betalen.” Dat zijn benadering van fraude wrevel wekt, ontkent hij niet. “Het probleem is dat heel veel mensen in de sector zich beledigd voelen als je daarover spreekt.”
Toch houdt hij vast aan zijn lijn. “Zonder duidelijke grenzen,” zo maakt hij duidelijk, “komt ook het draagvlak voor solidariteit zelf onder druk te staan.”









Laatste reacties
Marc BROSENS
24 december 2025VDB draait door zijn formulering, op de voor hem typische manier, de goegemeente een rad voor de ogen. Wat hij zegt zou geïnterpreteerd kunnen worden als zou hij overleg plegen met de artsensyndicaten, maar niets is minder waar. Elke vergadering tussen VDB en de syndicaten is een dovemansgesprek.
De gezondheidszorg die deze man beoogt, heeft niets met geneeskunde te maken, maar enkel met een trotskistische ideologie waar alles top-down gedicteerd wordt en elke zorgverlener in de pas zal moeten lopen. De zorg is niet gebaseerd op kennis, maar wordt in een corset van waanbeelden geduwd door iemand die tabellen met zijn diep rood gekleurde bril interpreteert. Dat artsen iets van een invulling van correcte gezondheidszorg zouden kunnen kennen wordt genegeerd. Wie het oneens is met de visie van deze minister wordt afgeblaft en weggezet als incompetent of verblindt door hebzucht. VDB voert geen beleid, hij drukt enkel zijn zin door zonder enig overleg met de artsensyndicaten.
Hij slaat de artsen en zalft de ziekenfondsen. Moesten de mutualiteiten transparant en correct functioneren zou ik dit enigszins nog kunnen begrijpen, maar het tegendeel is waar. Dat VDB volhardt in het aannemen van deze hypocriete houding toont nogmaals aan hoezeer de man vanuit zijn tunnelvisie overtuigd is van zijn gelijk en hoe onbetrouwbaar hij is.
Philippe REYNTJENS
23 december 2025Aanwezig zijn op een overleg staat niet gelijk aan luisteren.
Negen keer aanwezig zijn en telkens je eigen monoloog afsteken, is geen overleg.
Wil je echt de langdurig zieken aanpakken, moet je de uitkeringen aanpakken.
De 100 miljoen die de mutualiteiten aan fraude moeten "opbrengen" zullen ze wel halen waar het hun de minste moeite kost. De bewijzen van de winst voor de overheid bij het afschaffen van de mutualiteiten zijn legio.
Deze minister zit (net als vele anderen) in de broekzak van de mutualiteiten en kan/wil hen dus niet aanpakken.
Stefaan COLPAERT
23 december 2025Verkwisitng in de gezondheidszorg kan fataal verlopen.
Er is een mogelijkheid dat dit strafbaar wordt.
Zolang artsen niet kostenbewust worden opgeleid zijn er echter geen bottom up maatregelen mogelijk.
Altijd veel beter dan top down (top down beleid komt makkelijk als repressief over).
Er is echter nog veel omerta te overwinnen vooraleer het zover komt
Georges Otte
22 december 2025De minister stelt dat het probleem Vvhziekteverzuim niet bij de artsen ligt ..( de zalvende woorden) maar hij gaat dan toch het voorschrijven controleren in weer een nieuwe database, de tijd van ziekte beperken en " overtreders" op het matje roepen ( de daden). Nihil Novum sun sole met deze man. Deconventie is in een eerste voor mij de enige mogelijke reactie. De volgende is in het kieshokje.