Artsen onder vuur: Hoge Raad fileert hervormingsplan gezondheidszorg

De Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de KMO haalt stevig uit naar het recent voorgestelde kaderwet van Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke. In een spoedadvies van 15 juli 2025 stelt de Raad dat de hervormingen in hun huidige vorm fundamentele principes van ons zorgsysteem bedreigen.

Het advies, dat De Specialist en MediSfeer konden inkijken, is niet mals voor het voorontwerp kaderwet. De Hoge Raad onderschrijft weliswaar de doelstelling ervan -met name het behoud van kwaliteitsvolle en voor iedereen toegankelijke zorg- en is bereid om daaraan mee te werken. Hij meent evenwel dat dit voorontwerp van wet in zijn huidige staat zijn doel niet zal bereiken, wel integendeel. Sowieso worden diverse paramedische beroepen niet vermeld in het voorontwerp van wet, wat voor rechtsonzekerheid zorgt.

Specifiek wat de artsen betreft: het voorontwerp introduceert zoals bekend maximale ereloonsupplementen van 25% voor ambulante zorg en 125% voor ziekenhuisverstrekkingen. 

Oneerlijke plafonds, beroepsvrijheid onder druk

Volgens de Hoge Raad miskent dat de uiteenlopende kostenstructuren en noden van medisch specialismen. Een resem prestaties wordt vandaag onvoldoende gedekt door de RIziv-nomenclatuur, waardoor supplementen noodzakelijk zijn om kwaliteit te garanderen. Bovendien waarschuwt het advies ook voor een verschuiving van ambulante zorg naar ziekenhuizen, met langere wachttijden tot gevolg.

Dat de minister het vraagstuk van de ereloonsupplementen en de twee andere hervormingsprojecten (ziekenhuisfinanciering, nomenclatuur) afzonderlijk behandelt, heeft voor de Hoge Raad geen zin. Het leidt bovendien tot een enorme onzekerheid voor de zorgverleners. “Het is absoluut noodzakelijk om eerst de hervormingen van de nomenclatuur en de financiering van de ziekenhuizen door te voeren alvorens een beperking van de ereloonsupplementen te definiëren.”

Artsen en paramedici worden volgens de Hoge Raad in hun autonomie bedreigd. De vrije keuze van zorgverstrekker vormt het hart van het Belgische gezondheidsmodel. Door beperkingen op gedeeltelijke conventionering – zoals een limiet van twee dagen per week – zouden zorgverleners aan flexibiliteit inboeten. De Hoge Raad stelt wel met tevredenheid vast dat het verbod op gedeeltelijke conventionering uit de laatste versie van het voorontwerp werd weggehaald. De Raad pleit ervoor om dit statuut naar álle zorgberoepen uit te breiden, inclusief kinesisten en logopedisten.

Overlegmodel dreigt te verkruimelen

Het Belgische overlegmodel, waarin zorgverleners, ziekenfondsen en overheid samen beslissingen nemen, wordt door het voorontwerp uitgehold, heet het verder. De overheid zou via de kaderwet meer macht krijgen over budgettaire kwesties en akkoorden met zorgverleners. De Hoge Raad pleit voor het behoud van deze dialoogstructuren die decennialang stabiliteit brachten.

Dat de financiering van beroepsorganisaties voortaan deels zou afhangen van het aantal geconventioneerde leden, is koren op de afbraakmolen van het model. Volgens de Hoge Raad wordt hiermee druk uitgeoefend op organisaties om hun leden aan te sturen richting conventionering - een rol die hun onafhankelijkheid ondermijnt. Zorgverleners moeten vrij kunnen beslissen zonder indirecte financiële stimulansen.

Opschorting Riziv-nummer: sancties zonder waarborg

Een zorgverlener kan tot twee jaar geschorst worden van zijn Riziv-nummer bij betwistingen boven 35.000 euro. Een zeer zware sanctie. De Hoge Raad noemt dit disproportioneel en onvoldoende onderbouwd: de opschorting van een Riziv-nummer moet deel uitmaken van rigoureuze procedures, “waarbij de rechten van de verdediging worden gewaarborgd en zowel de voorwaarden voor het opleggen van de opschorting als de nadere regels voor de opheffing van die opschorting worden vastgelegd.”

Een opschorting van twee jaar kan immers het einde van de loopbaan van de zorgverlener betekenen, heet het. In het voorontwerp staat evenwel geen enkele bepaling die voorziet dat de duur van de opschorting van het RIZIV-nummer evenredig is met de ernst van de gepleegde feiten of het bedrag van de geldboete. En de Orde der Artsen wordt niet in het proces betrokken, wat indruist tegen de gebruikelijke tuchtprocedures.

Voor de Hoge Raad is het oordeel dus over het algemeen negatief. Zonder ingrijpende herwerking zullen de voorgestelde maatregelen het Belgische zorgmodel schaden en de aantrekkelijkheid van de medische beroepen verminderen. Er is nood aan transparantie, overleg en respect voor de diversiteit en realiteit binnen de zorgsector, kunnen we besluiten in een notendop.

Dit advies werd overgemaakt aan premier Bart De Wever, minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke, minister van Werk en Economie David Clarinval  en aan minister van Middenstand, Zelfstandigen en KMO’s Éléonore Simonet. Ook de parlementsleden van de meerderheid die lid zijn van de Commissie voor Gezondheid en Gelijke kansen van de Kamer, kregen het toegestuurd.

> Lees het volledige advies

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.

Laatste reacties

  • Lorenzo Lefevere

    17 juli 2025

    Mag ik ook eens aandacht vragen voor de wachten die veel arts-specialisten pro deo doen. Ik doe al 20 jaar wachten à rato van 1 op 3 à 1 op 5. Ik hoor hier nooit iets over in de onderhandelingen. Neurologen en pediaters vluchten bij ons de ziekenhuizen uit om aan wachtsystemen te ontsnappen. Wij worden enkel via het ziekenhuis vergoed in het weekend, in de week helemaal pro deo. In verlofperiodes ben ik soms 7 dagen continu van wacht. Hier zijn geen weekvergoedingen voor. Ik zie vrijheid van ereloon als een compensatie hiervoor. Nu dit in vraag wordt gesteld, stel ik mij daar toch minder gematigd in op . Vooral als ik voel hoe dit om mijn mentaal en fysiek welzijn begint te wegen en ik stel hetzelfde vast bij collega's. Artsen die niet meer in ziekenhuizen werken, doen niet meer mee aan wachten, waardoor dit nog meer weegt op diegenen die overblijven. Ik stelde al een vraag aan ministerie van Vandebroucke maar daar gingen ze niets aan doen.... Ambulante praktijken in het ziekenhuis dienen ook 125% in ambulante zorgen te plaffoneren... Ik vraag mij af hoe zot ik nog zal blijven, om in het ziekenhuis aan een wachtsysteem te blijven deelnemen... En vaak bij nacht en ontij voor prullen mijn slaap te moeten laten. Aan diegenen die onderhandelen neem dit aub mee in uw onderhandelingen!

  • Christophe Breusegem

    16 juli 2025

    Ik en anderen zijn het volledig eens met de Hoge Raad en hun adviezen.

    Enkele uitgelichte punten:

    ‘Een resem prestaties wordt vandaag onvoldoende gedekt door de RIZIV-nomenclatuur, waardoor supplementen noodzakelijk zijn voor kwalitatieve zorg”

    “Oneerlijke plafonds; beroepsvrijheid onder druk; overlegmodel bedreigd; opschorting riziv nummer met disproportionele sanctie…”

    Hopelijk leert Min Vandenbroucke bij van bovenstaande adviezen….??

    En kijken we naar de andere partijen die zogezegd opkomen voor ons zorgsysteem/ vrije beroep:
    NVA met Bart De Wever, de MR, CDV…
    Woorden tellen niet, wel jullie acties!